“De God van Nederland, van heel Nederland, van Surhuisterveen en Spekholzerheide…”
Deze zinsnede staat in ‘Dichtertje‘ van Nescio, een van diens pareltjes. Vanaf het moment dat ik deze novelle voor het eerst las – in mijn middelbare schooltijd – is deze zin me altijd bijgebleven. Ik vond het al direct een grote eer voor Spekholzerheide om door de auteur van absolute meesterwerken als ‘De uitvreter’ en ‘Titaantjes’ genoemd te worden.
Jarenlang heb ik er van gedroomd een fel-realistische roman over mijn geboortegrond te schrijven en die ‘De God van Spekholzerheide’ te noemen. Misschien maar goed dat dat er nooit van gekomen is (vooral gezien de het stijgende zeeniveau, je weet maar nooit of ik er weer terecht kom als hier in ‘t ‘Hollendsj’ de boel onder water loopt).
Of Nescio ooit in Spekholzerheide is geweest? Misschien is i er echt geweest maar als er ook maar iets te melden was geweest dan had dat wel in het ‘Natuurdagboek’ gestaan. Denk ik.






